Ulftse IJzergieter vaak gekopieerd echter nooit geëvenaard.

imageimageimage

De IJzergieter van Jan Toorop ( pastel uit 1922) is diverse keren gekopieerd, de ene keer beter geslaagd dan de ander. Ook hier werden de hoekige vormen en krachtige lijnen gebruikt om de dynamiek te suggereren. De positie van de IJzergieter vertoont  wel overeenkomsten, hoewel beduidend minder krachtig. De  gedetailleerde uitwerking vooral op anatomisch vlak laat echter duidelijk te wensen over. Ook het gewenste kleurgebruik en dit  effect door Toorop bereikt met pastel variërend van scherpe lijnen tot zachte schaduwen zijn in de gekopieerde werken nauwelijks herkenbaar. Het originele werk in zijn fraaie  epische heroïek, symbool van de arbeider, kenmerkend voor  het sociaal realisme is te zien in het Gemeente Museum te Helmond en maakt deel uit van de vaste collectie “Mens en Werk”

imageimage

 

 

Frans Deurvorst wordt door Toon Nolet gemasseerd.

image image

Omstreeks 1914 maakte Toorop deze houtskooltekening met een weinig krijt van directeur Frans Deurvorst. Hij kampte waarschijnlijk met nekpijn en is op treffende wijze karakteristiek door Toorop weergegeven. Of Nolet deze heilgymnastische massage gave had is niet bekend. Het werk is rechtsonder gesigneerd en linksonder getiteld ” Le Massage par Nolet”.

Onder zijn leiding als directeur van de IJzergieterij en Emailleerfabriek Diepenbrock & Reigers ontstond in 1913 een nieuwe emailleerfabriek met de zo kenmerkende uit gewapend beton opgetrokken watertoren en in 1916 een nieuw centraal magazijn. De oprichting van een grote badkuipenfabriek in 1918 leidde tot een verbreding van het assortiment, terwijl de omzetting van een NV (1919) de bedrijfskundige modernisering illustreert. Het is niet bekend in hoeverre Deurvorst bij al deze veranderingen zelf een leidende rol speelde, maar het heeft alle schijn dat hij alleen verantwoordelijk was voor deze modernisering. Dan zou het  ook niet zo verwonderlijk zijn dat de “stressfactor” wel in causaal verband zal staan met zijn nekklachten, van het ijzergieten in ieder geval niet! Hij had omstreeks die tijd wel de verantwoordelijkheid voor een kleine 400 arbeiders. Het fronsen van zijn voorhoofd zal wel zijn toegenomen tijdens het lezen van de brief van de Fa. Jaarsma over de kostprijs van zijn gietwerk.!!

image

Een meer gebruikelijker pose was achter zijn bureau ,al hoewel hij hier wel wat zorgelijk kijkt. (Tekening in houtskool met krijt 27×37 cm).             Gesigneerd r.o J.Th. Toorop Ulft 1914.

imageimage

Jan Jaarsma (1911) achter zijn bureau.

De idee naast de Realiteit, alles natuurlijk meer gestileerd.

image
B
ruin velin papier, houtskool met licht crayon blauw, rood en geel (75 x 61 cm).

In 1920 maakte Toorop deze fraaie houtskooltekening van 3 achter elkaar staande IJzergieters tijdens het aftappen van het vloeibare ijzer uit de Coupoloven in de Ulftse ijzergieterij bij de DRU.

Toorop’s interesse en affiniteit in de gieterijnijverheid leidde tot diverse werken van ijzergieters. Hij maakte ook directieportretten ,geëngageerd zoals hij was vond hij echter meer inspiratie in het zware werk van de ijzergieters. Hij schreef Nolet dan ook in 1920 vanuit zijn atelier in Den Haag. ” Die heerlijke kerels hangen nu hier (…) en ik ben bezig de achtergrond te bewerken, symbolisch, weet nog niet precies hoe, maar het moet iets met de Wil, de Sturing, Krachtinspanning en Arbeid in verband staan. Ik zet er geen ijzergieterijoven achter, dat wordt niet visionair genoeg, de idee naast de realiteit, alles natuurlijk meer gestyleerd.”

Bovenstaand werk werd op 15 juni 2006 in Bern geveild bij Galerie Kornfeld met als lotnr. 780. CHF 10.000.

Familie Deurvorst poserend voor Villa Zeno 1914

imageimageimageimageimage

Tijdens de 1e wereldoorlog kwam Toorop frequent bij de familie Deurvorst in Ulft en legde op karakteristieke wijze zowel Marcel (pastel),  Frank als Zeno Deurvorst in fraaie houtskooltekeningen vast. Frank gemodelleerd met een jonge torenkraai op zijn schouder en Zeno ietwat kubistisch weergegeven met sterk gestylleerde kaaklijnen en een strak omsloten “Vadermoorder” . Zeno was 19 jaar en Frank 14 jaar oud, beide werken zijn gesigneerd en geannoteerd.

Al vroeg, in de jaren 1890, heeft Toorop naam verworven als kinderportrettist bij uitstek. Unaniem werden met name zijn portretten van meisjes geprezen, want jongens komen veel minder voor. “Maar waarom vindt iedereen zijn meisjesportretten ‘t allermooiste?” vroeg Gerard Brom zich in 1916 af. Is ‘t om het teer ivoor profiel of het zacht zijen haar? Om de edele wimpers, het kuise voorhoofd, de stille mond?” Hijzelf zocht het antwoord vooral in de religieuze hoek: In ‘t gezicht van een kind leeft het paradijs nog na en in zijn onschuld lijkt het ideaal gerealiseerd. Geen wonder dat de katholieke geleerde speciaal ook Toorop’s ‘communiebruidjes’ vermeldt, waarin zijn inziens het ‘hemelse van de reine, vrome jeugd’ tot uitdrukking is gebracht. In het specialisme van het kinderportret heeft Toorop zich kunnen oefenen aan de hand van zijn eigen dochter Charley, die hij vanaf 1896 veelvuldig weergaf. Al snel kwamen daarna ook de kinderen van anderen, culminerend in het reusachtige portret van de drie meisjes Henny uit 1897, dat een tegenwicht vindt in het ‘Vlechtekind’, het charmante portretschetsje van Elsa Lukwel uit 1900. Na 1915 nam het aantal kinderportretten wat af, waarschijnlijk bij gebrek aan opdrachten. Tot in de jaren twintig maakte Toorop echter nog fraaie meisjesportretten, zij het dat het engelachtige haar van vroeger dan vervangen is door jongensachtige kapsels, zo typerend voor de mode uit die tijd.

 

Toorop’s laatste brief aan Toon Nolet 28-12-1927

image image image

Op een briefkaart maakte Toorop duidelijk dat hij in zijn woning aan de Van Merlenstraat in Den Haag flink gevallen was en een “ferme Knauw” had gekregen, hij wenste Toon nog een zalig nieuwjaar en een gelukkig 1928. Zijn toestandsbeeld werd nadien  slechter en hij  overleed uiteindelijk in Februari 1928. Op de kaart wordt zijn werk ” Twee Werkers” genoemd maar op de huidige tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum is sprake van “Het Karige Salaris”. Het blijft echter een prachtig sociaal-realistisch werk uit zijn vroege periode (1886). Het werk (zwart krijt en houtskool) 169 x 91 cm behoorde lange tijd tot de collectie Drucker.

Is ‘t Toorop ? Willy Sluiter of een andere verver?

image  Ulft 1919 Oktober Willy Sluiter.    image image                    Zo luidt de titel van een humoristisch satirisch gemaakt pastel door Sluiter. Sluiter is hier zogenaamd  Villa Zeno in Ulft aan het verven. Op de achtergrond zijn vaag de fabrieksgebouwen van de DRU te herkennen.

De Eerste Wereldoorlog werd in Nederland ook heel duidelijk voelbaar ondanks de neutrale houding van de regering. De internationale kunstkringen en kunsthandel sloten hun deuren en er werden geen tentoonstellingen meer georganiseerd. Dit had natuurlijk rechtstreeks gevolgen voor het inkomen van Nederlandse kunstenaars. Veel Belgische kunstenaars ontvluchtten hun land en kozen Nederland. In ballingschap zorgden ze door hun productie enigszins voor concurentie.

Jan Toorop introduceerde in deze periode zowel Jan Sluijters als Willy Sluiter bij de vermogende familie Deurvorst en Nolet-Vonk de Both. Evenals Toorop legde Willy Sluiter het harde zware werk in de Ulftse IJzergieterij vast, ook experimenteerde hij met emaille.

image

 

Portret Frans Deurvorst 1914

imageimageimage

Uit: Algemeen Handelsblad 03-05-1915 door Maria Viola

image image

 

 

 

 

In 1914 maakte Toorop dit fraaie werk (trois quart) olieverf  op doek (110 x 100 cm) l.o gesigneerd en gedateerd J.Th. Toorop 1914 van DRU directeur Frans Deurvorst, het behoort wellicht tot de mooiste portretten uit Toorop’s oeuvre. De recensies en beschrijvingen uit 1914 liegen er niet  om, respectievelijk uit de Rotterdamsche Courant 25-05-1914 en De Tijd 19-05-1914 door B.H. Molkenboer. Het werk werd dan ook vrijwel gelijk opgenomen in diverse Toorop tentoonstellingen, alvorens het geplaatst kon worden in Villa Zeno te Ulft.

Miek Janssen schreef in haar boek Jan Toorop over dit portret, ” Dit werk is met den bekenden grootschen toets behandeld; de krachtige, energieke en doorgrifte kop vol expressie, de doordringende ogen tintelend van leven. Met breede streken is hier de kleding geschilderd, de achtergrond is meer gedetailleerd. Heel in de verte n.l. heeft Jan Toorop hier even de Emailleerfabriek van den heer Deurvorst aangegeven; meer op den voorgrond is ‘ t smaragdgroen van het grasveld zichtbaar, en in een zomergewaad gekleede dame en knaap geven een lente-achtig cachet aan dit tableau, dat overvloeit van leven en gezonde, steevige schakeeringen”.

exposities:
– 1914 – Arnhem kunsthandel van Lerven
– 1915 – Amsterdam- de Roos  cat. 16
– 1915 – Den Haag Neuhuys     cat. 38
– 1918 – Kleykamp                    cat. 25
– 1919 – Kleykamp                    cat. 21
– 1928 – Pulchri                         cat. 119
– 1978 – Nijmegen                     cat. 71

Toorop maakte van het portret diverse oleografieën, zo schrijft hij Nolet op 10 oktober 1918. ” De foto ziet er goed uit, er ontbreekt nog wel wat aan doch dit ligt misschien aan het cliché door den Terborgsche fotograaf (M.H. Bruijns) vervaardigd. Is deze foto reeds gefixeerd, ik bedoel kan deze niet meer verbleken opdat ik die op tekenen kan?

image
Oleografie door Toorop opgehoogd met gouache (13cm x 14cm)

 

Ulftse werken te zien in Gemeente Museum Den Haag

.imageimageimageimageimageimage                                                                 Vanaf 26 febr. t/m 29 mei is er een grote overzichtstentoonstelling (200 werken !! ) in het Gemeente Museum te Den Haag te zien . De markante Apostelkoppen die Toorop maakte gemodelleerd naar o.a Ulftse IJzergieters en Zeeuwse boeren worden in deze vorm van religieuze kunst op een verheven maar banale manier bij elkaar gebracht. Toorop was een wegbereider voor de modernisten zoals Piet Mondriaan, hij zocht naar een geschikte vorm voor zijn religieuze en maatschappelijke denkbeelden. Nooit dogmatisch, maar durfde steeds te veranderen. Steeds poogde hij de zichtbare werkelijkheid en het mystieke te verbinden, zoals in zijn prachtig werk van de Ulftse IJzergieter tot uiting komt.

 

 

 

 

Jacqueline Deurvorst en Helena Nolet 1913

image                                                                                                                                                                                                                       Dubbelportret in emaille op plaatijzer 20 x 13 cm.

Dit ietwat schetsmatig werkje van Toorop  (tete a tete) maakte hij van de twee zussen Vonk-de Both. Jacqueline is wat sprekender uitgewerkt in emaille. Door het procede in de emailleeroven was het  nooit precies te voorspellen hoe de kleuren uitvielen. Het werk is linksonder gesigneerd met J.TH.

Jacqueline werd geboren in Zevenaar op 25 mei 1874 en huwde in 1894 Frans Deurvorst. Ze overleed te ‘s Gravenhage op 06 Februari 1958. Haar zus Helena die 8 jaar jaar jonger was kwam op 85 jrg leeftijd te Maastricht te overlijden, zij was gehuwd met Anthony Nolet.

Maria met Kind ca. 1912

imageimage

Toorop vervaardigde zoals bekend diverse emaillewerken bij de IJzergieterij en Emailleerfabriek  DRU te Ulft. Hij kon hier vrijuit experimenteren met emaille. Omstreeks 1912 vervaardigde hij een fraai emaillewerk op plaatijzer voorstellende Maria met Kind.

afm. 200 x 200 mm

1924 Amsterdam, cat. 119
1925 Plasschaert, pl. 1912.27
1941 Utrecht-A’dam cat. 131
1978 Nijmegen cat.57
2009 Nijmegen

Een compositie ontworpen voor het vaandel van de Mariavereniging te Nijmegen, links een lier en rechts een slot afgebeeld, symbolisch weergegeven als het begin en het einde. Mogelijk is het gemaakt als geschenk voor zijn vrouw, gezien het opschrift links onder: A. Toorop-Hall. Rechts fec. Jan Toorop.                                                                                Zijn vrouw was sedert de oprichting jarenlang voorzitster van de Mariavereniging en was vooral gericht  tegen het toenemende drankmisbruik. In November 1937 verscheen er een artikel in De Gelderlander voor een oproep een bijeenkomst bij te wonen en het vaandel te groeten dat door Jan Toorop is ontworpen. “Katholieke  vrouwen van Nijmegen wees nu een ruim van hart en opvatting, de zaal van het Petrus Canisiushuis aan de Burghardt van den Berghstraat 114 moet veel te klein zijn maandagavond 8 November 1937″.

image

imageimage

Tekening in inkt en gekleurdkrijt, 211 x 136 mm.

In  maart 1914 hield Toorop een interessante voordracht over Sierkunst bij Kunsthandel Neuhuys in Den Haag met name over het gebruik van Emaille als toegepaste kunstvorm. Uit: De Tijd 07 maart 1914.

imageimageimageimage

 

image

 

Uit: de Groene Amsterdammer 28-12-1918 door kunstcriticus A. Plasschaert