Domburg, 2 Juli 1916. ” Het tjilpen der zeemeeuwen en het gloeiende smeltend,vloeiende ijzer van Ulft hebben mij er tot nu toe nog niet gebracht die Kruisweg te beginnen”.

image

Toorop in zijn atelier aan de Barbarossastraat te Nijmegen

1916

In juli 1916 schreef Toorop vanuit Domburg onderstaand aan zijn vriend Toon Nolet uit Nijmegen.

 

fullsizeoutput_3c5c

Apostel Bartolomeus, zwart en roodbruin krijt 93,5 x 89,5 cm

imageimage

Voorstudie uit 1916 :Statie I Jezus wordt ter dood veroordeeld en uitgeleverd.

imageimage

Oerse kerk st. Antoniusparochie

                              ULFT

Spirituele, allegorische tekening, voorstellend  de heuvel Golgotha met aan de linkerzijde de kruiziging in het midden de Cuyperskerk P & P kerk van Ulft en links de in 1914 gereed gekomen Antoniuskerk van Oer . Ook is de kerk van Varsselder en de Polse molen te ontwaren. De ogen triest en lijdzaam weergegeven, geflankeerd door tulpen en een sterrenhemel. Ook viermaal het monogram van Miek Janssen met als titel:  Witte Donderdag en Goede Vrijdag gesigneerd en geannoteerd 1914. In dat jaar waren er veelvuldige bezoekjes van Toorop vergezeld door Miek bij de familie Deurvorst in Ulft. Hij kon daar ook gedurende langere perioden ongestoord  werken aan zijn voorstudies voor de Oosterbeekse kruiswegstaties. Hoewel de compositie suggereert de lijdensweg van Christus uit te beelden, herken ik meer Toorop’s “Liefdeslijden”. Toorop inmiddels zesenvijftig jaar oud zat opgescheept met een slepend been en een tot op de draad versleten huwelijk. Miek was voor hem een groot gebaar van het leven. En zij, net vierentwintig, zwevend in een wolk van dromen, slingerde zich als een bloesemrank rond zijn stam en wijdde hem een deel van haar leven in een mengeling van dienstbaarheid, liefde, bezitseisen en adoratie. Toorop’s Muze is ze altijd gebleven.

zwart krijt 351×225 mm.             zwart krijt en pastel 665×785 mm

1914.                                                    1914.

Landschap met riviertje en gezicht op Etten 1912

Afbeelding gemaakt vanaf Terborg aan de Oude IJssel richting Etten.


Gedurende Toorop’s Nijmeegse periode bezocht hij geregeld de families Deurvorst in Ulft maar ook in Terborg. In deze omgeving maakte hij ook diverse aquarel werken ‘en plein air’ van het Achterhoekse landschap. In de 70er-en 80er jaren kwamen deze veelal kleine werken in de verkoop middels diverse veilingen. Van de veilingnrs. 28 en 31 zijn helaas geen afbeeldingen bekend. Met dank aan dhr. Bodewes voor zijn research Een zoektocht naar Jan Toorop.

Dubbelportret Jacqueline Deurvorst-Vonk de Both en Marcel Deurvorst Ulft 1910

imageimage

In 1910 maakte Toorop het fraaie portret van Jacqueline Deurvorst-Vonk de Both met haar zoontje Marcel Deurvorst. Zwart krijt en pastel (430 mm x 340 mm) Het dubbelportret toont moeder en kind in poseerhouding in de tuin van Villa Zeno te Ulft.  De tekening bevat een opmerkelijke combinatie van beeltenissen, zowel en profil als en face. Door de lange blonde lokken van het kind lijkt het bijna of we met een meisje te maken hebben, maar het matrozenpakje verraadt anders. De wens om een dochtertje bleef bij Jacqueline echter onvervuld.

image

In 1902 was haar enig dochtertje Elske , acht maanden oud, overleden. Jacqueline lijkt diep in gedachten verzonken terwijl zij een roos in haar hand houdt dat op een liefdevolle symbiose met haar zoontje duidt. Toorop gebruikte de roos veelvuldig als bloeiend symbool in zijn werken dat in zijn visie de liefde, het leven en de dood moest uitbeelden. Op de afbeelding gaat het om de toen ongeveer vijfjarige Marcel Deurvorst ( 1905-1989) bijgenaamd “Tin”, de jongste van de vijf zonen van Jacqueline en Frans Deurvorst. Het werk werd op talloze exposities tentoongesteld en het geldt als een van de meesterwerken in zijn portretkunst.

imageTentoonstelling van Kunstwerken van Toorop in 1914 in de kunstzaal Theo Neuhuys te Den Haag uit : de Prins Februari 1914.

imageimage

Uit: Rotterdamsch Nieuwsblad 15-03-1930

Van de afbeelding werden zelfs briefkaarten uitgegeven, weliswaar zonder “en Profil “van Jacqueline. De importantie van dit werk werd ook nog eens benadrukt in het herdenkingsnummer ter ere van Jan Toorop in 1930 uitgegeven door de Fa. Vorst & Tas te Amsterdam.

image

Familie Deurvorst omstreeks 1910 na een tennispartij , zoontje Marcel wederom getooid in een matrozenpakje !!

1916 Christuskop gegoten bij de DRU te Ulft ?

imageimage

Jan Toorop en de IJzergieterij annex Emailleerfabriek DRU te Ulft omstreeks 1916

imageimage

Christuskop 1916 Isografie door Willem van Meurs naar een tekening uit 1912

imageimage

Art Deco Gietijzeren Christuskop resp. voor-en achterzijde

De in Nijmegen gevestigde kunsthandelaar Rudolf Bless, wiens handel ” Sier Uw Huis” gevestigd was in de Van Broeckhuysenstraat bracht in 1916 een ambitieuze reproductie naar Toorop vier jaar eerder getekende Christuskop op de markt. Het was een isografie, gemaakt door Willem van Meurs, die waarschijnlijk op aandringen van Toorop voor het project was ingeschakeld. Rudolf Bless had met de tekening het reproductierecht van Toorop’s Christuskop gekocht. Aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid heeft Toorop dezelfde gestileerde beeltenis gebruikt en deze als gietmodel gekozen  voor bovenstaand bas-reliëf als christelijk siervoorwerp van religieuze kunst. Het gietwerk bevat echter geen monogram en/of gietnummer. Of dit in grote getale is gegoten is dan ook niet bekend. Het ligt echter voor de hand dat hij het gietproces en de productie  liet voltooien in de Ulftse IJzergieterij van zijn vriend en mecenas Frans Deurvorst. Ook liet Toorop van zijn werken kleine reliëfs in gedreven koper en metaal maken bestemd  voor de kunsthandel.

image

image

Bezonkenheid Meditatie en Vuur uit 1923

image

 

 

 

 

Toorop’s neef was tekenleraar in Gendringen !

imageimage

Jan Toorop 1916                                    Emile Toorop 1909

image

image

Emile Gerhard Toorop ( 1854-1921) op bovenstaande foto uit 1909  in het midden, had  eveneens als Jan een Indische uitstraling. Hij was geboren in Pekalongan voormalig Nederlands-indie. Beide vaders waren broers en derhalve was Jan een volle neef van Emile. Deze was sinds 1881 verbonden als onderwijzer, tevens tekenleraar aan de Openbare school te Gendringen. Hij was maar liefst 40 jaar verbonden aan deze school. Dat het tekenvak in de genen zat moge duidelijk zijn. Niet bekend of er tussen Jan en Emile veelvuldig contact was. Uit de correspondentie met Deurvorst en Nolet valt dit ook niet uit op te maken. In een artikel van de Graafschapbode d.d. 06 Juni 1885 is te lezen dat men zeer content was over zijn tekentalenten ( cursus hand en lijntekenen)  en zijn vernieuwende wijze om dit over te brengen aan de cursisten.

image image

 

Vreemd blijft wel dat bij Emile zijn overlijdensbericht wel de naam van Jan Toorop’s zuster is vermeld maar niet van Jan. Eliza (lize) Toorop (1860-1947) was gehuwd met Jacob Beets. Zie onderstaande annonce uit de Graafschapbode 29-11-1921.

imageimage

Pastel van Eliza Toorop vervaardigd door Edgar Fernhout (1934)

1916 Toorop’s logeerpartijtjes in Ulft

Toorop’s huwelijk  met de Engelse AnnIe Hall hing aan een zijden draadje. Hun dochter Charley had hierin ook weinig geluk en haar  huwelijk met Fernhout was ook geen succes en leidde dan ook spoedig  tot een echtscheiding. Ze verkocht weinig werk en was met haar kleine kinderen grotendeels afhankelijk van de financiele ondersteuning van vader Jan. Omstreeks 1912 had Toorop Miek Janssen kennen geleerd. Aanvankelijk een bewonderaarster van zijn schilderkunst. Zij was de dochter  van een hoteleigenaar uit Oosterbeek. Of Toorop’s muze en model ook zijn minnares  was? Dat ze er soms met hun tweetjes tussenuit knepen doet wel het vermoeden, alhoewel hun Katholieke geweten op den duur zal hebben  opgespeeld. De bezitseisen van Miek Janssen ten opzichte van Toorop, speelden Annie danig op de zenuwen. Ze ging bijvoorbeeld rustig mee naar Domburg, daarbij kwam nog bij dat ze bijna even oud was als haar dochter! Annie vertrok dan ook regelmatig voor langere perioden alleen naar haar familie in Engeland en Ierland. In die tijd logeerden Jan en Miek nu hier en dan daar, bij Arthur en Annie van Schendel in Ede, maar veelvuldig bij het echtpaar Deurvorst in Ulft. Dat dit ook voor wat langere perioden betrof getuigd wel Toorop’s correspondentie aan Anthony Nolet uit Nijmegen op het briefpapier van Deurvorst’s IJzergieterij!

image

Boekpresentatie:

image

Miek Janssen hield waarschijnlijk  het door haar geschreven boek Jan Toorop en zijn werken ten doop in Villa Zeno te Ulft. Dit is o.a. op te maken uit onderstaand door Toorop gesigneerde 1e exemplaar voor Therese de Lom de  Berg.

imageimage

 

image

Frans Deurvorst met maar liefst 15 werken aanwezig op de ere-tentoonstelling van Jan Toorop

In april 1928, een maand na Toorop’s overlijden, organiseerde het schilderkundig genootschap Pulchri Studio te ’s Gravenhage een ere-tentoonstelling van 241 werken van Jan Toorop. Frans Deurvorst en diens zwager Antony Nolet maakten o.a. deel uit van het “Eere-Comite”,  Deurvorst was inmiddels vanuit Ulft naar Den Haag verhuisd. Uit zijn omvangrijke Toorop-collectie stelde hij maar liefst een 15 tal werken beschikbaar voor deze tentoonstelling.

 

5B85A9F4-E768-47F4-A498-ECF68DD09E30image

 

imageABFF0D5D-4D09-4E7E-B8EF-32238C1A703E

Een wel bijzonder fraai werk (onvoltooid) met als titel Ouderliefde uit 1904, zwart en gekleurd krijt,potlood, pen in bruin en olieverf op karton. 73 x 97,4 cm , pointillé uitgevoerd, behoorde tot Toorop’s vroegste werk uit de collectie Deurvorst. Zwager Nolet was maar met 1 enkel werk vertegenwoordigd omdat hij in 1924 zijn Toorop-collectie i.v.m financiele problemen had geveild.

 

image

 

 

 

 

Belangstelling voor Ulft’s emaille-werk vanuit Bisdom Haarlem 1913

imageimageimageimage

Domburg, 10 juni 1913.

In Domburg bezat Toorop een huis waar hij vele zomers woonde en werkte.Vandaar hield hij het Nijmeegse echtpaar Donkers met regelmaat op de hoogte van zijn activiteiten, zoals zijn betrokkenheid bij de bouw van de nieuwe kapel in Domburg. Uit bovenstaande correspondentie tussen Agatha Donkers vanuit Domburg vertelt hij over een bezoek van de Haarlemse bisschop, monseigneur Augustinus Callier (1849-1928) aan de Domburgse Willibrordkapel waar hij en zijn vrouw zich voor inspannen. Callier bewonderde er met name het altaar met Toorop’s emaillewerk Agnus Dei, dat hij in mei 1913 maakte op de IJzergieterij annex Emailleerfabriek te Ulft. Hij beloofde ook iets voor hem in de st. Bavo (Aloysiuskapel) te maken. Bisschop Callier liet zich dan ook graag informeren omtrent deze emailleertechniek.

imagefullsizeoutput_30f6

Resp. voor-en achterzijde

Agnus Dei geemailleerd op plaatijzer (27cmx27cmx1,5mm) J.D. staat voor Jacqueline Deurvorst-Vonk de Both die w.s. bij het emailleerproces  was betrokken. Zij was de echtgenote van DRU directeur Frans Deurvorst. Het geeft een impressie weer van een fraai kleurrijk mozaïekwerk en is rijk met goud-emaille ingevuld. Het werd als religieuze kunst aangebracht op het tabernakeldeurtje van het altaar in de Willibrordkapel te Domburg.

image

Domburg, 13 juli 1912 ” Ik zit liever met Heydt aan tafel dan met de vrouw van Breitner”

Opnamedatum:  2014-07-23

Bovenaan: Toon Nolet, mw. Breitner-Jordan, Willy Sluiter, Derk Wiggers,onder George Breitner, mw. Wiggers, Jan Toorop en Louis  van Soest.

Als Toorop’s nieuwe atelier aan de Barbarossastraat in Nijmegen goed en wel  in bedrijf is brengt vooral het grote succes van de verkooptentoonstelling in Domburg Toorop op de gedachte een dergelijke onderneming ook in Nijmegen te organiseren. Hij stelt Nolet voor om daartoe een commissie samen te stellen, waarin ook de componist Willem Heydt (1858-1928) zitting  heeft. Toorop bewonderd Heydt, die zijn brood verdient als vishandelaar aan de Grote Markt te Nijmegen en als componist autodidact is, ondermeer als belangrijk vernieuwer van de kerkmuziek. Dat de waardering wederzijds is valt onder meer op te maken uit presentjes die de kunstenaars  uitwisselen. Heydt schenkt Toorop enkele muziekmanuscripten die tegenwoordig bewaard worden in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Op zijn beurt doet Toorop hem vermoedelijk het getekende portret dat hij van zijn vriend maakte kado. In een brief aan Nolet, waarin een soort vriendendiner van de Nijmeegse tentoonstellingsorganisatoren  ter sprake komt, schrijft Toorop op 11 Juli 1912 over Heydt: ” Als gij en de anderen het goed vindt zou ik (op mijn rekening )  Heydt vragen om ook met ons te dineren. Ik mag die kerel verbazend graag en wij zien elkander nogal in Nijmegen. Toorop ondervind dat zijn vriendschap met de Nijmeegse vishandelaar in het milieu van Nolet moeilijker ligt dan gedacht. Nolet’s antwoord op zijn brief van 11 Juli, dat Heydt’s deelnemen aan het diner ongewenst is, Op 13 Juli volgt daarop de verontwaardigde reactie van Toorop. ” Wat heb ik staan kijken van je brief omtrent mijn vriend  Heydt. Een van de weinige menschen waarmee je in Nijmegen mee praten kan over alle kunst en letteren en daar bij een discreet en zeer beschaafd en nette kerel en daarbij een kerel met zooveel muziekaal-compositie talenten, wiens werk door niet minder dan Diepenbrock geapprecieerd wordt. Al is die beste zeer intelligente kerel en nette vent vischhandelaar, wat zou dit?? Ik moet zeggen Ik zit liever met Heydt aan tafel dan met die vrouw van Breitner ( onder ons gezegd hoor) ” Als Toorop dreigt bij volgehouden weigering van Nolet alleen met Heydt in Berg en Dal te gaan eten, bindt deze in en gaat het diner door zoals gepland. Duidelijk is in ieder  geval dat de vriendschappelijke band tussen Toorop en Nolet door het voorval niet blijvend is beschadigd. Of Heydt iets heeft meegekregen van Nolet’s aanvankelijke bedenkingen is onduidelijk.

Met dank aan Ruud Priem uit Jan Toorop Studies.

 

image

image

Willem Heydt 1911 (zwart en blauw krijt) 730 x 576 Museum het Valkhof Nijmegen

 

Jan Toorop versus Herman Heijenbrock

 

 

 

 

image image

Frans Deurvorst (1914)   door Toorop          DRU IJzergieters (1920)  door  Heijenbrock

 

Heijenbrock werd ook wel de schilder van de arbeid/industrie genoemd, hij maakte evenals Toorop op de DRU te Ulft diverse  pastels en een enkel olieverfschilderij. Hoewel beide sociaal bewogen, stond bij Toorop toch meer de arbeider op de voorgrond en minder de techniek en de industriële processen. Zowel Toorop als Heijenbrock bezochten de Borinage het land van <<Germinal>> de naam van een roman van Emile Zola. De schrijnende ellende en de onderdrukking van de arbeider maakte grote indruk en leverde een grote inspiratiebron voor hun werken. Toorop was toch ook een decadente schilder en schuwde de society niet,getuige zijn talloze portretten. In Heijenbrock’s oeuvre is dan ook zover ik weet geen enkel directieportret te traceren. In dat perspectief zwierf Heyenbrock meer door de fabrieken, kameraad met de werkers, informerend naar het hoe en waarom, om des te meer bewondering hun durf en uithoudingsvermogen, hun vaardigheid en inzicht in het arbeidsproces uit te beelden. Hij vond zijn domein vooral  dan ook aan de vurige gloeiende ovens, bij het nachtelijk ballet van vloeibaar en gevaarlijk rondspattend ijzer.Hij zag de arbeiders als volgelingen van Prometheus, in hun titanenstrijd de ” Knights of Labor”.

imageimage

Ulftse IJzergieters : links werk van Toorop, rechts Heijenbrock uit resp. 1920 en 1923